De stemmingswisselingen van je puber begrijpen

Achter de heftige stemmingswisselingen van je tiener zit een brein volop in verbouwing, en meestal is er niets ernstigs aan de hand, al is het goed om te weten wanneer een bui wél een signaal is.
Het ene moment lacht je tiener uitbundig, het volgende slaat de deur dicht en heerst er een ijzige stilte. Je vraagt je af wat je verkeerd hebt gedaan, of er iets ernstigs speelt. Meestal is het antwoord geruststellend eenvoudig. Deze wisselingen horen bij de puberteit, een periode waarin het brein volop in ontwikkeling is. Toch maakt die kennis het niet altijd makkelijker om er middenin te staan.
Wat er vanbinnen gebeurt
Het puberbrein is een grote bouwplaats. Psychiater Daniel Siegel beschrijft in zijn boek Brainstorm hoe de hersenen in deze jaren worden verbouwd. Overbodige verbindingen worden weggesnoeid en de overgebleven banen worden met myeline geisoleerd, zodat ze sneller en efficienter gaan werken. Een sterke emotionele lading noemt hij zelfs een van de kernkenmerken van de adolescentie, iets wat erbij hoort en geen storing is.
Hoogleraar Laurence Steinberg vult dat aan met wat het onbalansmodel heet. Het limbische systeem, met de amygdala en het beloningsgerichte ventrale striatum, rijpt sneller dan de prefrontale cortex, het deel achter het voorhoofd dat afremt en overziet. Daardoor komen gevoelens harder binnen en zijn ze lastiger te temperen, terwijl de rem nog niet op volle sterkte is. Neurowetenschapper BJ Casey liet met hersenscans zien dat de amygdala bij tieners heftiger reageert op emotionele prikkels dan bij volwassenen. Een blik, een opmerking of een tegenvaller kan daardoor een reactie oproepen die voor jou buiten proportie lijkt, maar vanbinnen echt zo hard aankomt.
Datzelfde onrijpe samenspel maakt bovendien dat tieners gevoelens soms verkeerd aflezen. Neuropsycholoog Deborah Yurgelun-Todd liet mensen naar gezichten met angst kijken en zag dat jongeren daarvoor sterker leunen op de amygdala, het alarmcentrum diep in het brein, terwijl volwassenen meer hun nuchtere prefrontale cortex inschakelen. De tieners lazen angst op een gezicht vaker als boosheid. Dat verklaart waarom je kind jouw bezorgde blik zomaar kan opvatten als een boze, en zich aangevallen voelt op een moment dat jij je juist zorgen maakte.
Siegel waarschuwt overigens dat we niet alles op de hormonen moeten schuiven, want dat is een te makkelijke verklaring voor een veel rijker proces. Er speelt meer mee. Je tiener verwerkt een berg aan indrukken, van druk op school en vriendschappen die schuiven tot de grote vraag wie hij of zij eigenlijk is. Dat alles kost energie, en wat overblijft is soms een kort lontje. De stemmingswisselingen zijn dus geen onwil, maar het gevolg van een brein en een lijf die hard aan het werk zijn.
Je puber kiest er niet voor om zo wisselend te zijn. Vaak begrijpt hij of zij de eigen gevoelens net zomin als jij.
Neem het niet persoonlijk
De grootste valkuil is om de buien op jezelf te betrekken. Als je tiener snauwt of zich terugtrekt, gaat dat meestal niet over jou. Jij bent simpelweg de veilige plek waar de opgekropte spanning eruit mag, en dat is, hoe vervelend ook, eigenlijk een teken van vertrouwen. Thuis hoeft je kind zich niet groot te houden zoals op school, en dus komt precies bij jou de rek eruit.
Een paar dingen helpen om er rustig bij te blijven.
- Adem eerst een keer in voordat je reageert op een uithaal
- Bedenk dat de bui overwaait, ook al lijkt het nu heftig
- Ga niet in discussie met een tiener die vol in de emotie zit
- Bied rust en ruimte in plaats van tegengas
Je hoeft niet elke bui op te lossen. Soms is er niets aan de hand behalve een gevoel dat er even mag zijn.
Erken het gevoel
Tieners voelen zich vaak onbegrepen, en niets voedt een humeur meer dan het idee dat niemand snapt wat er speelt. Opvoedkundigen Adele Faber en Elaine Mazlish maakten daar hun kernboodschap van. Erken eerst het gevoel, dan pas de rest. Je hoeft het gedrag niet goed te keuren om het gevoel serieus te nemen. Er zit ook hersenlogica onder, want zolang het emotionele systeem op volle toeren draait, is de denkende prefrontale cortex slecht bereikbaar. Door het gevoel te benoemen help je het zakken, en pas daarna komt er ruimte voor rede. Een simpel ik zie dat je baalt doet vaak meer dan tien goedbedoelde adviezen. Probeer dus niet meteen te repareren of te relativeren, want een tiener die hoort dat zijn gevoel klopt, kalmeert sneller dan een tiener die te horen krijgt dat het allemaal wel meevalt.
Wanneer het meer is dan een bui
Stemmingswisselingen horen erbij, maar er zijn grenzen. Psycholoog Lisa Damour maakt in haar boek Under Pressure een nuttig onderscheid tussen gezonde spanning, die erbij hoort en zelfs nut heeft, en klachten die zo hardnekkig zijn dat ze het dagelijks leven ontregelen. Blijf daarom alert als de sombere periodes lang aanhouden, als je kind zich volledig terugtrekt, niet meer eet of slaapt, of de dingen opgeeft waar het vroeger van genoot. Dan kan er meer aan de hand zijn dan gewone pubergrilligheid.
Aarzel in dat geval niet om hulp te zoeken, bijvoorbeeld bij de huisarts of een vertrouwde begeleider op school. Je hoeft dat niet alleen te dragen, en op tijd aankloppen is een teken van goed ouderschap, niet van falen.
Het waait over
Hoe uitputtend de emotionele achtbaan ook is, het is een fase, en fases gaan voorbij. Naarmate het brein verder rijpt, en dat gaat volgens de wetenschap door tot ver in de twintig, komt er langzaam meer rust en evenwicht. De heftige buien worden zeldzamer en de gesprekken makkelijker. Houd in de tussentijd vast aan geduld en warmte, want elke keer dat je rustig blijft terwijl je tiener door een storm gaat, laat je zien dat gevoelens er mogen zijn en dat jij blijft, wat er ook gebeurt. Dat gevoel van onvoorwaardelijke veiligheid is misschien wel het mooiste dat je je puber in deze wilde jaren kunt geven.
En vergeet jezelf niet in dit alles. Al die buien opvangen kost energie, en je mag best af en toe bijtanken. Een ouder die goed voor zichzelf zorgt, blijft langer geduldig en veerkrachtig. Zoek dus je eigen rustmomenten op, deel je zorgen met iemand die luistert, en wees zacht voor jezelf op de dagen dat het niet lukt. Ook jij hoeft niet perfect te zijn om precies de ouder te zijn die je kind nodig heeft.
Bronnen
- Daniel J. Siegel, Brainstorm: The Power and Purpose of the Teenage Brain (2013)
- Laurence Steinberg, Age of Opportunity: Lessons from the New Science of Adolescence (2014)
- B.J. Casey e.a., The Adolescent Brain (Annals of the New York Academy of Sciences, 2008)
- Deborah A. Yurgelun-Todd, Emotional and cognitive changes during adolescence (2007)
- Adele Faber en Elaine Mazlish, How to Talk So Teens Will Listen and Listen So Teens Will Talk (2005)
- Lisa Damour, Under Pressure: Confronting the Epidemic of Stress and Anxiety in Girls (2019)
Elke dag een nieuw artikel?
Zet notificaties aan en ontvang dagelijks een beetje inspiratie voor jullie relatie.
Notificaties aanzetten