Je lichaam als bondgenoot, niet als project

Je lichaam is geen verbouwing die af moet, maar een trouwe metgezel die elke dag voor je zorgt.
Hoeveel jaren van je leven heb je in de spiegel gekeken en vooral gezien wat er nog niet klopte? De buik die platter moest, de armen die strakker mochten, dat getal op de weegschaal dat iets anders hoorde te zeggen. We zijn een generatie vrouwen die is opgegroeid met het idee dat het lichaam een project is. Iets wat af moet. Iets wat altijd nog beter kan.
Maar stel nu eens dat je lichaam helemaal geen project is. Dat het gewoon je bondgenoot is, de plek van waaruit je leeft, liefhebt en de wereld ontmoet. Die ene omdraaiing verandert bijna alles aan hoe je een dag doorkomt.
Het verschil tussen zorgen en bewerken
Er zit een wereld van verschil tussen goed voor je lichaam zorgen en het voortdurend willen veranderen. Zorgen komt voort uit vriendelijkheid. Bewerken komt voort uit ontevredenheid. Van buitenaf lijken ze soms op elkaar, want beide kunnen leiden tot een wandeling of een gezonde maaltijd. Maar vanbinnen voelen ze totaal anders, en dat verschil bepaalt of iets je voedt of juist uitput.
Kristin Neff, hoogleraar aan de University of Texas at Austin en pionier van het onderzoek naar zelfcompassie, beschrijft zelfcompassie als drie dingen tegelijk, namelijk vriendelijk zijn voor jezelf in plaats van hard, beseffen dat worstelen bij het mens-zijn hoort, en je gevoelens onder ogen zien zonder erin te verdrinken. Een overzicht van tientallen studies door Turk en Waller uit 2020 vond dat vrouwen met meer zelfcompassie een positiever lichaamsbeeld hebben en minder last van eetzorgen. Dezelfde wandeling voelt anders wanneer je hem maakt omdat je frisse lucht wilt, dan wanneer je hem maakt om iets af te straffen wat je gegeten hebt.
Je lichaam luistert de hele dag mee naar hoe je erover praat. Laat het vriendelijke woorden horen.
Waarom de spiegel zoveel macht kreeg
Dat we ons lichaam vooral als beeld zijn gaan zien, is geen persoonlijk gebrek. De psychologen Barbara Fredrickson en Tomi-Ann Roberts beschreven in 1997 hoe meisjes en vrouwen in onze cultuur leren om naar zichzelf te kijken alsof ze een buitenstaander zijn die hen beoordeelt. Zij noemden dat zelfobjectivering, de gewoonte om je eigen lichaam voortdurend te bekijken en te keuren. Dat kost stille energie, de hele dag door, en het gaat staan tussen jou en het simpele plezier van gewoon in je lichaam zitten.
Daar komt een tweede mechanisme bij. Al in 1954 beschreef de psycholoog Leon Festinger dat mensen zichzelf onophoudelijk met anderen vergelijken. Het probleem is dat we onze gewone ochtendspiegel afzetten tegen andermans zorgvuldig gekozen, bewerkte en uitgelichte beste moment. In die vergelijking verlies je altijd. Onderzoek van Marika Tiggemann liet zien dat het bekijken van geïdealiseerde beelden de ontevredenheid over het eigen lichaam vergroot, terwijl realistische beelden, waarin het verschil tussen plaatje en werkelijkheid zichtbaar wordt gemaakt, dat effect juist verzachten. Je spiegelbeeld is bovendien niet neutraal. Op een uitgeruste dag zie je iets heel anders dan op een moe moment, terwijl je lichaam precies hetzelfde is gebleven. Dat maakt de spiegel een onbetrouwbare rechter over je waarde.
Wat streng zijn vanbinnen aanricht
De psycholoog Paul Gilbert, grondlegger van de compassiegerichte therapie, legt uit waarom zelfkritiek zo uitput. Volgens zijn model heeft de mens grofweg drie emotionele systemen, een dat op dreiging reageert, een dat op jacht en prestatie is gericht, en een dat kalmeert en verbindt. Harde zelfkritiek zet dat eerste, het dreigingssysteem, aan, hetzelfde systeem dat ook aanslaat bij echt gevaar. Je lichaam maakt dan stresshormonen aan, alsof er een roofdier voor de deur staat, terwijl de bedreiging niets anders is dan je eigen strenge stem.
Vriendelijkheid en warmte activeren juist dat derde, kalmerende systeem, dat te maken heeft met rust en verbondenheid. Simpel gezegd houdt streng zijn tegen jezelf je in de alarmstand, terwijl mild zijn je tot rust brengt. Dat is geen zweverige gedachte maar een lichamelijk verschil, en het verklaart waarom een dag vol zelfkritiek zo doodmoe maakt.
Je maakt die overstap niet in één dag. Maar je kunt oefenen met een andere blik. Leg je hand eens op je borst en voel de warmte van je eigen hand. Dat ben jij, levend, hier. Probeer bij het aankleden niet te denken aan wat je wilt verbergen, maar aan wat je lichaam die dag allemaal voor je gaat doen.
Waardeer wat je lichaam doet, niet alleen hoe het eruitziet
De psycholoog Jessica Alleva onderzocht aan de Universiteit Maastricht een verrassend eenvoudige aanpak. In haar programma Expand Your Horizon schrijven vrouwen een paar keer op wat hun lichaam allemaal kan, van bewegen en voelen tot knuffelen en genezen, en waarom dat voor hen betekenisvol is. In haar onderzoek uit 2015 bleek dat vrouwen daarna niet alleen tevredener waren over de functie van hun lichaam, maar ook milder oordeelden over hun uiterlijk, en dat ze zichzelf minder als een object gingen bekijken. Onderzoekers noemen die houding functionality appreciation, de waardering voor wat je lichaam voor je doet.
We staan er zelden bij stil, maar je lichaam werkt onvermoeibaar voor je, zonder dat je erom vraagt.
- Je hart klopt terwijl je slaapt, tienduizenden keren per etmaal.
- Je longen halen adem zonder dat je erover nadenkt.
- Je benen dragen je door de supermarkt, de trap op, naar de mensen van wie je houdt.
- Je huid geneest zichzelf wanneer je je stoot.
Dat is geen project dat af moet. Dat is een wonder dat allang aan het werk is.
Bewegen om te voelen, niet om te straffen
Beweging mag weer leuk worden. Niet als boetedoening voor wat je gegeten hebt, maar omdat je lijf ervan houdt om in beweging te zijn. Dans in de keuken terwijl het eten staat te pruttelen. Zwem omdat het water je draagt. Fiets omdat de wind langs je gezicht strijkt. Merk hoe anders hetzelfde rondje voelt wanneer plezier de reden is en niet straf.
En eten mag ook weer voeding zijn in plaats van een rekensom. Je lichaam heeft brandstof nodig om al dat prachtige werk te blijven doen. Voeden is een vorm van liefde, geen zwakte. Elke keer dat je jezelf iets geeft in plaats van iets ontzegt, oefen je in dezelfde vriendelijkheid die je een dierbare gunt.
Een langzame verzoening
Je hoeft niet vanaf morgen alles anders te doen. Begin met één vriendelijk gebaar per dag. Een dankbare gedachte over je benen na een wandeling, een warme douche waar je echt van geniet, een moment waarop je even niets aan je lichaam wilt veranderen.
Je lichaam heeft je nooit in de steek gelaten. Het is er altijd geweest, elke dag van je leven, ook op de dagen dat je er hard over oordeelde. Misschien is het tijd om het niet langer te zien als iets wat af moet, maar als de trouwste bondgenoot die je ooit zult hebben. Behandel het zoals je een goede vriendin zou behandelen, met geduld, met warmte, en met dankbaarheid voor alles wat het stil voor je draagt.
Bronnen
- Kristin Neff (2011). Self-Compassion: The Proven Power of Being Kind to Yourself. William Morrow.
- Jessica M. Alleva e.a. (2015). Expand Your Horizon: A programme that improves body image and reduces self-objectification. Body Image, 15.
- Turk, F., en Waller, G. (2020). Is self-compassion relevant to the pathology and treatment of eating and body image concerns? Clinical Psychology Review, 79.
- Barbara L. Fredrickson en Tomi-Ann Roberts (1997). Objectification Theory: Toward Understanding Women's Lived Experiences and Mental Health Risks. Psychology of Women Quarterly, 21(2).
- Leon Festinger (1954). A Theory of Social Comparison Processes. Human Relations, 7(2).
- Marika Tiggemann en Isabella Anderberg (2020). Social media is not real: The effect of 'Instagram vs reality' images on women's social comparison and body image. New Media & Society, 22(12).
- Paul Gilbert (2009). The Compassionate Mind. Constable & Robinson.
Elke dag een nieuw artikel?
Zet notificaties aan en ontvang dagelijks een beetje inspiratie voor jullie relatie.
Notificaties aanzetten